Als ik tijdens vakantie aan zee ben, moet ik altijd even aan Karl Jaspers denken, de filosoof van de zee. Volgens Jaspers wil een mens als ik graag geborgen zijn, zich ergens thuis voelen (dat klopt), maar zwemmend in zee ervaar je dat er nog meer is, geen grond onder de voeten, eindeloze geheimzinnigheid. Die oneindigheid van de zee is bevrijdend. Voor zijn filosofisch werk kreeg Karl Jaspers in 1959 de Erasmusprijs. Jaspers zoekt de ‚sporen van transcendentie’ in de kunst, in mythes en in de zee. Hij noemt die sporen ‚chiffres’; aanwijzingen die er op duiden dat het transcendente bestaat, ook al kunnen we het niet begrijpen.